Blessurepreventie bij jonge voetballers
Met plezier voetballen én goed voor je lichaam zorgen

Als moeder van drie jonge voetballers bij De Zeerobben in Harlingen breng ik aardig wat uren door langs het voetbalveld. Trainingen door de week, wedstrijden op zaterdag, een balletje trappen met vrienden… stilzitten is er vaak niet bij.
En eerlijk is eerlijk: dat is vooral prachtig om te zien. Kinderen die lekker bewegen, onderdeel zijn van een team en met rode wangen van het veld komen. Als moeder wil ik vooral dat ze daar plezier in hebben.
Maar als sportmasseur kijk ik soms nét even anders naar die benen die na de wedstrijd van het veld komen.
Want hoeveel belasting krijgt een jong lichaam eigenlijk te verwerken? En wanneer is moe gewoon moe en wanneer is het verstandig om even wat gas terug te nemen?
Trainen is goed, herstellen hoort er ook bij
Een jong lichaam is volop in ontwikkeling. Tegelijkertijd wordt er behoorlijk wat van gevraagd.
Denk maar eens aan een normale week: twee voetbaltrainingen, een wedstrijd op zaterdag, gym op school en vervolgens thuis of met vrienden ook nog even een balletje trappen.
En dan groeien ze ondertussen ook nog.
De KNVB besteedt daarom specifiek aandacht aan belasting en belastbaarheid bij jonge voetballers. Tijdens het voetballen worden spieren, botten, gewrichten en banden steeds opnieuw belast. Dat is op zichzelf niet verkeerd — sterker nog, belasting hoort bij sporten en sterker worden.
Het gaat vooral om de balans.
Na inspanning heeft het lichaam tijd nodig om te herstellen. Wanneer belasting en herstel langere tijd niet goed op elkaar aansluiten, kunnen klachten ontstaan.
Groeien én fanatiek sporten
Bij kinderen en tieners speelt nog iets anders mee: de groei.
De KNVB wijst erop dat een deel van de klachten bij jonge sporters samenhangt met de groeifase. Afhankelijk van de leeftijd kunnen bijvoorbeeld klachten rondom hiel, knie of andere gewrichten voorkomen.
Dat vind ik als moeder zelf een belangrijk punt.
Een kind dat ineens zegt dat zijn knie, hiel of been pijn doet, hoeft niet meteen een ernstige blessure te hebben. Maar steeds terugkerende pijn moeten we ook niet automatisch afdoen met: “Ach, dat hoort bij het sporten.”
Zeker tijdens een groeispurt kan het lichaam tijdelijk anders reageren op belasting.
Luisteren naar de kleine signalen
Een blessure begint niet altijd met een spectaculaire sliding waarbij iedereen langs de lijn zijn adem inhoudt.
Soms zijn de signalen veel subtieler.
Een zeurende knie. Een stijve lies. Een hiel die na iedere training weer gevoelig wordt. Zware benen die maar niet lijken te herstellen. Of een kind dat ineens minder lekker beweegt dan normaal.
Juist die kleine veranderingen zijn interessant.
De KNVB noemt bij voetballers onder andere blessures aan enkels en knieën, maar ook hamstring- en liesklachten. Bij kinderen kunnen daarnaast groeigerelateerde klachten voorkomen.
Dat betekent niet dat we bij ieder pijntje in paniek hoeven te raken. Wel dat het verstandig is om te luisteren naar wat een lichaam aangeeft.
Pijn die blijft terugkomen of erger wordt, is geen wedstrijd die je moet proberen te winnen door er gewoon doorheen te voetballen.
Een goede voorbereiding op training en wedstrijd
Ook de voorbereiding speelt een rol.
De KNVB adviseert bij spelers die in de groeispurt zitten aandacht te besteden aan een goede warming-up en een geleidelijke trainingsopbouw.
Daar zit eigenlijk een heel simpele gedachte achter: een lichaam voorbereiden op wat je ervan gaat vragen.
Voetbal bestaat uit sprinten, afremmen, draaien, schieten, springen en onverwachte bewegingen. Dat vraagt nogal wat van spieren en gewrichten.
Daarom hoort een goede voorbereiding net zo goed bij voetbal als de schoenen, scheenbeschermers en bal.
Bij jongere pupillen ligt dat overigens anders. De KNVB geeft aan dat vóór de groeileeftijd vooral veel en gevarieerd bewegen in spelvorm belangrijk is en dat een traditionele warming-up zoals we die bij oudere spelers kennen niet noodzakelijk is.
Herstel gebeurt ook buiten het voetbalveld
Blessurepreventie houdt wat mij betreft niet op zodra de training afgelopen is.
Herstel zit juist vaak in heel gewone dingen:
voldoende slapen, goed eten en drinken, rustmomenten nemen en niet iedere dag maximaal hoeven presteren.
Dat klinkt misschien vanzelfsprekend, maar in een druk gezin weet ik ook dat de praktijk soms anders is.
School, voetbaltraining, vriendjes, huiswerk, wedstrijden en andere sporten lopen allemaal door elkaar heen.
Als moeder van drie voetballers herken ik dat maar al te goed.
Daarom probeer ik niet alleen te kijken naar één training of één wedstrijd, maar naar de hele week. Heeft een kind een zware voetbalweek gehad? Is hij moe? Zit hij midden in een groeispurt? Heeft hij ergens last van?
Het totaalplaatje vertelt vaak meer dan alleen die negentig minuten op het veld.
En waar past sportmassage in dit verhaal?
Als sportmasseur krijg ik natuurlijk regelmatig de vraag of sportmassage blessures kan voorkomen.
Daar ben ik voorzichtig in.
Een sportmassage is geen garantie dat iemand niet geblesseerd raakt en het vervangt zeker geen arts of fysiotherapeut wanneer er daadwerkelijk sprake is van een blessure.
Wat sportmassage wél kan zijn, is een onderdeel van sportverzorging en herstel.
Bij sporters kijk ik bijvoorbeeld naar spierspanning, herstel na belasting en mobiliteit. Het geeft daarnaast een moment waarop een sporter bewust aandacht besteedt aan hoe het lichaam aanvoelt.
Bij jonge sporters vind ik het daarbij extra belangrijk om verantwoord te werken en goed te kijken naar leeftijd, ontwikkeling en de aard van eventuele klachten.
Bij acute pijn, zwelling, een duidelijk trauma of klachten die blijven terugkomen, hoort een kind niet op mijn massagetafel om het probleem ‘even weg te masseren’. Dan is het verstandig om eerst een huisarts, fysiotherapeut of andere bevoegde zorgprofessional te raadplegen.
Van De Zeerobben tot de fanatieke Ouwe Seun
Misschien is dat uiteindelijk wel de belangrijkste boodschap.
Blessurepreventie betekent niet dat we kinderen voorzichtig moeten maken.
Ze moeten juist rennen. Voetballen. Vallen. Opstaan. Winnen, verliezen en vooral ontzettend veel plezier maken met hun team.
Maar we mogen ze óók leren dat rust en herstel onderdeel zijn van sporten.
Of je nu een jonge Zeerob bent, een fanatieke Ouwe Seun of gewoon graag lekker wilt blijven bewegen: goed voor je lichaam zorgen hoort bij sporten.
Dat ervaar ik zelf ook. Als schaatster en skeeleraar weet ik hoe verleidelijk het is om vooral bezig te zijn met de volgende training. Maar vooruitgang zit niet alleen in harder trainen. Herstel hoort er net zo goed bij.
Meer weten over blessurepreventie bij voetbal?
De KNVB heeft uitgebreide informatie beschikbaar over het voorkomen van voetbalblessures, belasting en belastbaarheid en veelvoorkomende blessures bij jonge voetballers.
→ Lees hier de informatie van de KNVB over het voorkomen van blessures.
Ook vind je bij de KNVB aparte informatie over veelvoorkomende voetbalblessures en groeigerelateerde klachten bij kinderen.
Mijn belangrijkste advies als moeder én sportmasseur?
Blijf vooral lekker voetballen, maar leer ook luisteren naar je lichaam.
Want uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: dat onze jonge sporters met plezier het veld op gaan — en dat zo lang mogelijk kunnen blijven doen.
Dorien
Sportmasseur | Flow & Focus Massage
Harlingen
Wil je weten wat sportmassage voor jou of je jonge sporter kan betekenen op het gebied van herstel en sportverzorging? Lees meer over sportmassage bij Flow & Focus Massage.
